Alle begrippen die in deze verordening worden gebruikt en niet
nader worden omschreven hebben dezelfde betekenis als in de Wet
werk en bijstand, de Wet Participatiebudget en de Algemene wet
bestuursrecht.
In deze verordening wordt verstaan onder:
de wet(ten) : Wet werk en bijstand (WWB), Wet
inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk
arbeidsongeschikte werknemers (IOAW); Wet
inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk
arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen (IOAZ); de Wet
Participatiebudget (Wpb).
het college: het college van Burgemeester en
Wethouders
de gemeente: de gemeente Den Helder;
de doelgroep: de persoon in de leeftijd van 16 en 17
jaar die valt onder de doelgroep van de Wet
Participatiebudget; de personen in de leeftijd van 18
tot 65 jaar aan wie op grond van artikel 7, eerste lid
onder a en lid 7 WWB door de gemeente ondersteuning
dient te worden geboden; personen met een uitkering op
grond van de Algemene nabestaandenwet evenals de niet
uitkeringsgerechtigden jonger dan 65 jaar;
de belanghebbende: het lid van de doelgroep dat
aanspraak maakt op ondersteuning of aan wie door de
gemeenteondersteuning wordt geboden;
de werknemer: het lid van de doelgroep dat een
dienstverband heeft met een werkgever die daarvoor
subsidie ontvangt op grond van deze verordening;
uitkeringsgerechtigde(n): degene(n) die algemene
bijstand ontvangt op grond van de wet.
Met degene die bijstand ontvangt wordt gelijkgesteld
degene die een uitkering ontvangt op grond van de Wet
inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk
arbeidsongeschikte werkloze werknemers (IOAW) of op
grond van de Wet inkomensvoorziening oudere en
gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen
(IOAZ);
algemeen geaccepteerde arbeid: alle maatschappelijk
aanvaardbare arbeid. De werkzaamheden die niet algemeen
geaccepteerd zijn of ingaan tegen de integriteit van de
persoon zijn uitgesloten;
participatie-instrumenten: de instrumenten die het
college ter beschikking heeft voor het bieden van
ondersteuning als bedoeld in artikel 7 WWB en artikel 34
IOAW en IOAZ, zoals een leerwerktraject ofeen
gesubsidieerde arbeidsplaats;
participatievoorzieningen: regelingen c.q. maatregelen
ter ondersteuning van de participatie-instrumenten die
gericht kunnen zijn op bijvoorbeeld maatschappelijke
activering, zorg of arbeidstoeleiding;
een traject: een aaneenschakeling van
participatie-instrumenten;
sociale activering: het verrichten van onbeloonde
maatschappelijk zinvolle activiteiten gericht op
arbeidsinschakeling of, als arbeidsinschakeling nog niet
mogelijk is, op zelfstandige maatschappelijke
participatie.
participatieplaatsen: onbeloonde additionele
werkzaamheden als bedoeld in artikel 10a WWB, artikel
38a IOAW en IOAZ;
arbeidsovereenkomst: een arbeidsovereenkomst naar
burgerlijk recht. Met een arbeidsovereenkomst wordt
gelijk gesteld een aanstelling op grond van het
ambtenarenrecht;
minimumloon: het minimumloon per maand, genoemd in
artikel 8, eerste lid van de Wet minimumloon en
minimumvakantiebijslag verminderd met de daarover
verschuldigde loonheffing en werkgeversdeel ;
premie: een premie als bedoeld in artikel 10a, zesde lid
WWB en artikel 38a IOAW en IOAZ;
scholing: scholing of opleiding als bedoeld in artikel
10a, vijfde lid WWB, artikel 38a IOAW en IOAZ en artikel
3 van de Wet Participatiebudget;
plan van aanpak: een plan van aanpak als bedoeld in
artikel 9a lid 7, artikel 44 lid 4 en artikel 44a WWB;
schuldhulpverlening: een door de gemeente aangeboden
pakket van voorzieningen gericht op het opheffen en
voorkomen van problematische schulden;
kinderopvang: gemeentelijke tegemoetkoming in de kosten
van
kinderopvang;
tegenprestatie: de tegenprestatie als bedoeld in artikel
9 lid 1 onder c van de wet.