Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 1

Artikel 2

Opdracht aan het college

Onderdeel van Participatieverordening

1.. Het college ondersteunt de belanghebbenden die behoren tot de doelgroep en biedt daarbij, voor zover het college dat noodzakelijk acht, één of meer voorzieningen aan. 2.. Het college zorgt voor een voldoende gevarieerd aanbod van participatie-instrumenten. Het college houdt daarbij rekening met de aard en omvang van door het college te bepalen doelgroepen en de instrumenten die het meest geschikt zijn voor de leden van die doelgroepen. 3.. Het college kan bij het bepalen van het aanbod aan participatie-instrumenten prioriteiten stellen in verband met de financiële mogelijkheden en met maatschappelijke, economische en conjuncturele ontwikkelingen. 4.. Het college bevordert de beschikbaarheid van voorzieningen voor de opvang van kinderen jonger dan 12 jaar voor leden van de doelgroep, voor zover die opvang nodig is voor het volgen van een traject of voor deelname aan participatie-instrument, of voor het bereiken van het doel van een traject of een participatie-instrument. 5.. Het college kan één of meer subsidie- of budgetplafonds vaststellen voor de verschillende voorzieningen 6.. Het college kan een plafond instellen voor het aantal personen dat in aanmerking komt voor een specifieke voorziening.

Rechtspraak bij dit artikel