Subsidiabele kosten op grond van deze verordening zijn:
investeringskosten van voorzieningen, niet zijnde clubgebouwen,
voor zover deze hoger zijn dan € 2.500,-, maar een bedrag van €
56.723,- niet te boven gaan;
functionele investeringskosten voor de bouw van een clubgebouw,
voor zover de instelling nog niet eerder subsidie heeft
ontvangen voor de bouw van een clubgebouw;
functionele investeringskosten voor de vervanging van een
clubgebouw, voor zover sprake is van vervanging van
semi-permanente uitvoering naar nieuwbouw in steen dan wel een
andere duurzame uitvoering. Indien voor de investeringskosten
voor de bouw van de semi-permanente uitvoering eerder subsidie
is ontvangen wordt voor de berekening van de subsidie voor
nieuwbouw het bedrag van de eerder verleende subsidie in
mindering gebracht op het bedrag van de investeringskosten voor
vervanging.