Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 3: › Paragraaf 3.1:

Artikel 14:

Horen van de belanghebbende(n)

Onderdeel van Verzamelverordening WWB, IOAW, IOAZ en Bbz 2013

Voordat de uitkering wordt verlaagd, wordt de belanghebbende in de gelegenheid gesteld zijn zienswijze naar voren te brengen, maar niet als: de belanghebbende zijn zienswijze al eerder kenbaar heeft gemaakt en er geen sprake is van nieuwe feiten of omstandigheden; of binnen de gestelde termijn niet is voldaan aan de inlichtingenverplichting; of het horen niet nodig is voor het vaststellen van de ernst van de gedraging of de mate van verwijtbaarheid.

Rechtspraak bij dit artikel