**1..** De afstemming van het recht op bijstand bij gedragingen zoals deze in artikel 2:3 zijn omschreven is vastgesteld op:
5% van de bijstandsnorm gedurende één maand bij gedragingen van de eerste categorie,
10% van de bijstandsnorm gedurende één maand bij gedragingen van de tweede categorie,
20% van de bijstandsnorm gedurende één maand bij gedragingen van de derde categorie,
40% van de bijstandsnorm gedurende één maand bij gedragingen van de vierde categorie,
**2..** 100% van de bijstandsnorm gedurende één maand bij gedragingen van de vijfde categorie.
**3..** De afstemming van het recht op bijstand bij gedragingen zoals deze in artikel 2:4 zijn omschreven, is vastgesteld op:
10% van de bijstandsnorm gedurende één maand bij gedragingen van de eerste vorm,
20% van de bijstandsnorm gedurende één maand bij gedragingen van de tweede vorm,
40% van de bijstandsnorm gedurende één maand bij gedragingen van de derde vorm,
100% van de bijstandsnorm gedurende één maand bij gedragingen van de vierde vorm,
100% van de bijstandsnorm gedurende één maand bij gedragingen van de vijfde vorm.
HOOFDSTUK 2:
Artikel 2:5
– De hoogte en duur van de afstemming
Onderdeel van Verordening Afstemming en boete WWB 2013