Naar hoofdinhoud

Artikel 4.

Rechten en plichten deelnemer

Onderdeel van Verordening Reïntegratie 2008

De belanghebbende is verplicht naar vermogen algemeen geaccepteerde arbeid te verkrijgen en deze te aanvaarden. De belanghebbende kan aanspraak maken op ondersteuning bij arbeidsinschakeling ten behoeve van het realiseren van naar het oordeel van het college, de kortste weg naar arbeid. Het college bepaalt hoe deze aanspraak wordt ingevuld. Een belanghebbende aan wie een voorziening is aangeboden, is verplicht gebruik te maken van deze voorziening en daar naar vermogen uitvoering aan te geven dan wel aan mee te werken. Een persoon uit de doelgroep aan wie een medische keuring op basis van de WSW wordt aangeboden, is verplicht daarvan gebruik te maken. Onverminderd andere verplichtingen, voortvloeiend uit wetgeving, geldt voor een belanghebbende die deelneemt of heeft deelgenomen aan een voorziening de verplichting om: alle inlichtingen te verstrekken aan het college over de passendheid en de voortgang van de voorzieningen en wijzigingen in zijn persoonlijke situatie die van belang kunnen zijn voor de beoordeling van de aanspraak op de ondersteuning en de noodzaak van voortzetting van de voorziening; zijn medewerking te verlenen aan onderzoeken over de inhoud, passendheid, voortgang en uitvoering van de voorziening; na te laten alles wat realisatie van het doel van de voorziening belemmert. Als een belanghebbende zijn verplichtingen krachtens het derde tot en met het vijfde lid van dit artikel niet nakomt, kan het college beslissen dat zijn aanspraak op iedere voorziening vervalt.

Rechtspraak bij dit artikel