Naar hoofdinhoud

Artikel 15.

Onderhoud door rechthebbende.

Onderdeel van Verordening op het beheer en het gebruik van de gemeentelijke begraafplaatsen 1999

1.. De rechthebbende is verplicht de grafbedekking behoorlijk te onderhouden of te herstellen. 2.. Het onderhoud van een eigen graf, familiegraf, urnenkelder of urnennis en van de daartoe behorende voorwerpen en beplantingen, komt, voorzover de gemeente dit onderhoud niet op zich heeft genomen, ten laste van de rechthebbende. 3.. Het bepaalde in het tweede lid is mede van toepassing ten aanzien van het onderhoud van voorwerpen of beplantingen op algemene graven. 4.. Bij niet-nakoming van de onderhoudsplicht ten aanzien van voorwerpen of beplantingen worden deze voorwerpen of beplantingen van gemeentewege verwijderd en is de gemeente bevoegd daarover naar goedvinden te beschikken. 5.. Betreft de niet-nakoming van de onderhoudsplicht een eigen graf, familiegraf, urnenkelder of urnennis, dan vervalt het recht tot begraven alsmede de eigendom van de voorwerpen en beplantingen, die op het graf, urnenkelder of urnennis zijn aangebracht aan de gemeente, zonder dat deze daarvoor tot enige vergoeding verplicht is. 6.. Het bepaalde in het vierde lid vindt eerst toepassing en het bepaalde in het vijfde lid is eerst van kracht, nadat de onderhoudsplichtige door of vanwege het college van Burgemeester en Wethouders schriftelijk op zijn nalatigheid is gewezen en hij in de gelegenheid is gesteld het nodige onderhoud binnen een te bepalen termijn alsnog te verrichten.

Rechtspraak bij dit artikel