• - De medewerker die wordt geplaatst in een andere functie binnen de gemeentelijke organisatie, behoudt recht op zijn persoonsgebonden toelage.
  • - Voor de medewerker die wordt overgeplaatst naar een andere functie waarvoor geen functiegebonden toelage geldt binnen de gemeentelijke organisatie vervallen de functiegebonden toelagen, waarbij lid 3 van dit artikel in acht wordt genomen.
  • - Aan de medewerker, wiens bezoldiging als gevolg van het vervallen van de functiegebonden toelagen een blijvende verlaging ondergaat, wordt een tot 0 aflopende compensatie toegekend indien:
    • - de blijvende verlaging ten minste 3% bedraagt van de bezoldiging;
    • - de medewerker deze toelagen gedurende ten minste twee jaar zonder wezenlijke onderbreking heeft genoten.
  • - Deze compensatie bedraagt achtereenvolgens de volgende percentages van de inkomensdaling, die het gevolg is van het vervallen van de toelagen:
    • - de eerste 6 maanden 100%;
    • - de tweede 6 maanden 75%;
    • - de derde 6 maanden 50%;
    • - de vierde 6 maanden 25%.
  • - Indien voor de betreffende toelage al een afbouwregeling bestaat, gaat deze voor.
  • - Op verzoek van de medewerker kan de compensatie als hiervoor bedoeld, worden uitbetaald in een bedrag ineens.
  • - Er vindt geen afbouw plaats bij de medewerker die 55 jaar is en tenminste 10 jaar de toelage heeft ontvangen.