Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk

Artikel 3:5

Criteria bij plaatsing

Onderdeel van Sociaal Kader 2013-2015

Medewerkers met een vaste aanstelling hebben voorrang op medewerkers met een tijdelijke aanstelling. In geval van plaatsing op een nieuwe functie worden medewerkers geplaatst op basis van geschiktheid. Medewerkers waarvan de functie in meerderheid gelijk is en waarvan geen sprake is van krimp, maar waarvan de functies wel worden overgeplaatst naar een ander onderdeel, worden direct geplaatst. Voor zover mogelijk wordt de medewerker geplaatst in een functie waarvoor hij zijn voorkeur heeft uitgesproken. Indien meerdere medewerkers in aanmerking komen voor dezelfde functie geldt in volgorde van opsomming: de leeftijd van de medewerker, met als doel het zoveel mogelijk behouden van de leeftijdsopbouw voor en na de organisatiewijziging door toepassing van het afspiegelingsbeginsel, waarbij wordt gestreefd naar een evenredige vertegenwoordiging vanuit de leeftijdscategorieën: 15 tot en met 24 jaar; 25 tot en met 34 jaar; 35 tot en met 44 jaar; 45 tot en met 54 jaar; 55 jaar en ouder. binnen elke leeftijdsgroep de werknemer met de langste diensttijd binnen de gemeente als eerste voor plaatsing in aanmerking komt. de persoonlijke omstandigheden van de medewerker. In afwijking van het vijfde lid kan van de volgorde van plaatsing worden afgeweken. Toepassing van dit lid vindt uitsluitend plaats als toepassing van hel vijfde lid tot zeer onwenselijke resultaten zou leiden met betrekking tot de bezetting van de nieuwe organisatie en uitsluitend nadat het GO hiermee schriftelijk heeft ingestemd.

Rechtspraak bij dit artikel