Burgers kunnen per agendapunt over de geagendeerde
onderwerpen inspreken. Zij melden zich daartoe voor de
bespreking van het agendapunt bij de voorzitter of de
commissiegriffier.
Het woord kan niet gevoerd worden over:
een besluit van het gemeentebestuur waartegen
bezwaar en beroep openstaat of heeft opengestaan;
benoemingen, keuzen, voordrachten of aanbevelingen
van personen;
een gedraging waarover een klacht ex artikel 9:1 van
de Algemene wet bestuursrecht kan of kon worden
ingediend.
De voorzitter geeft het woord op volgorde van aanmelding. De
voorzitter kan van de volgorde afwijken, indien dit in het
belang is van de orde van de vergadering.
De voorzitter bepaalt de spreektijd en verdeelt deze,
rekening houdend met het aantal insprekers.
De spreker voert het woord, nadat de voorzitter hem dit
heeft verleend. De voorzitter kan de deelnemers aan de
commissievergadering toestaan aan insprekers een korte,
verhelderende vraag te stellen. Er vindt geen discussie
plaats tussen een inspreker en deelnemers van de
vergadering. De voorzitter of een lid doet een voorstel voor
de behandeling van de inbreng van de burger.
Hoofdstuk 4 › Paragraaf 2
Artikel 17
Spreekrecht burgers
Onderdeel van Reglement van orde voor de raadscommissie 2012