In deze verordening wordt verstaan onder:
a.IOAW: Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk
arbeidsongeschikte werklozewerknemers;
b.IOAZ: Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk
arbeidsongeschikte gewezenzelfstandigen;
c.de IOAW/IOAZ: de IOAW alsmede de IOAZ, beiden voor zover zij op
belanghebbendevan toepassing zijn;
d.uitkering: de uitkering, bedoeld in artikel 5, eerste lid
IOAW/IOAZ;
e.uitkeringsnorm: de op belanghebbende van toepassing zijnde netto
grondslag, bedoeld inartikel 5, vierde lid IOAW/IOAZ;
f.maatregel: het verlagen van de uitkeringsnorm op grond van artikel 20,
tweede lid IOAWen artikel 20, eerste lid IOAZ alsmede het blijvend of
tijdelijk (gedeeltelijk) weigeren vaneen uitkering op grond van artikel
20, eerste lid IOAW en artikel 20, tweede lid IOAZ;
g.inkomen: inkomen als bedoeld in artikel 8 IOAW/IOAZ;
belanghebbende: hij die recht heeft op een uitkering op grond van de
IOAW, voor zoverhij is aangewezen op arbeid in dienstbetrekking, alsmede
hij die recht heeft op eenuitkering op grond van de IOAZ;
i.het college: het college van burgemeester en wethouders van de
gemeente Terneuzen;
j.benadelingsbedrag: het netto benadelingsbedrag;
k.WWB: de Wet werk en bijstand;
l.Re-integratieverordening WWB: de verordening waarin de regels voor
ondersteuning bijarbeidsinschakeling en voorzieningen gericht op
arbeidsinschakeling in het kader van de
WWB en de IOAW/IOAZ zijn vastgelegd.
m.traject/voorziening: voorziening als bedoeld in artikel 4a, eerste lid
onderdeel a van deIOAW/IOAZ en in hoofdstuk 3 van de
Reïntegratieverordening WWB;
n.zorgtraject: traject als bedoeld in artikel 5 van de
Re-integratieverordening WWB.