Voor aanvragen voor vervoersvoorzieningen gelden de volgende beoordelingscriteria:
voorwaarde voor de verstrekking van een vervoersvoorziening is dat de aard van de handicap het gebruikt en/of het bereiken van het reguliere Openbaar Vervoer onmogelijk maakt.
De gemeente verstrekt een vervoersvoorziening bij voorkeur in de vorm van collectief vervoer. Individuele verstrekkingen vinden alleen plaats wanneer de aard van de handicap het gebruik van collectief vervoer onmogelijk maakt en voor die verplaatsingsbehoefte, waarin het systeem voor collectief vervoer niet voorziet.
Een vervoersvoorziening is bedoeld om de mobiliteitsbelemmeringen van de gehandicapte te verminderen. Het opheffen van de belemmeringen dient in algemene zin te worden nagestreefd, wat niet betekent dat dit redelijkerwijs altijd kan worden bereikt.
Op grond van vaste jurisprudentie is de gemeente gehouden tegemoet te komen in de meerkosten tengevolge van de handicap, op basis van de zelfstandige individuele vervoersbehoefte in het kader van het leven van alle dag. Dit is een geobjectiveerd begrip dat niet behoeft overeen te komen met de vervoersbehoefte zoals die door de gehandicapte wordt ervaren.
Indien een vervoersvoorziening de belemmeringen die bij het reizen in de directe woon- en leefomgeving worden ondervonden wegneemt, zo dat vervolgens op een aanvaardbare wijze deel genomen kan worden aan het maatschappelijk leven van alle dag zoals beschreven onder 7., wordt er van een adequate voorziening gesproken. Een combinatie van vervoersvoorzieningen kan wat dit betreft adequaat zijn. De goedkoopst adequate voorziening wordt doorgaans verleend.
Vervoersvoorzieningen voor vervoer naar en van werk en school blijven onder de wet op de (re)ïntegratie arbeidsgehandicapten (Wet REA)vallen. Wanneer een gehandicapte zo’n voorziening ontvangt verstrekt de in die wetten genoemde uitvoeringsinstellingen ook een vervoersvoorziening voor de verplaatsingen in verband met de deelneming ook een vervoersvoorziening voor de verplaatsing in verband met de deelneming aan het maatschappelijk verkeer. Gehandicapten, die zo’n voorziening ontvangen, kunnen geen aanspraak maken op een vervoersvoorziening op grond van de Wmo.
Voor een vervoersvoorziening komt men in aanmerking indien er sprake is van deelname aan het maatschappelijk leven van alledag, waarbij het in beginsel gaat om verplaatsingen in de directe woon- en leefomgeving. Er moet dan wel sprake zijn van een zelfstandige individuele vervoersbehoefte in het kader van de verplaatsingen van alle dag. Dat wil zeggen dat de gehandicapte zelf, in meerdere of in mindere mate vanuit zichzelf, zich moet willen verplaatsen voor het doen van alledaagse activiteiten, zoals het doen van boodschappen en winkelen, het onderhouden van sociale contacten met familie, vrienden, kennissen, het bezoeken van een patiënt in het ziekenhuis, het uitoefenen van recreatieve activiteiten zoals het deelnemen aan het verenigingsleven, het bezoeken van een zwembad, een theater, een bioscoop, etcetera.
Bovenregionaal vervoer valt niet onder de gemeentelijke zorgplicht, tenzij er sprake is van dusdanig wezenlijk, uitsluitend door persoonlijk bezoek door de gehandicapte te onderhouden contact, dat zonder dit contact sociaal isolement optreedt.
Voor bewoners van een AWBZ-instelling worden de verplaatsingen in en om de instelling, alsmede het weekendvervoer beschouwt als de vervoersbehoefte. Van vereenzaming van een bewoner van een AWBZ-instelling is sprake indien:
Hij niet in staat is zelfstandig sociale contacten te leggen, op te bouwen en te onderhouden en daar door niet aan de activiteiten van de instelling kan deelnemen.
Èn daardoor in zodanige mate afhankelijk is van het ouderlijk huis dat dit als zijn thuis moet worden beschouwd.
Voor het opheffen van de eenzaamheid en ter voorkoming van dreigende vereenzaming wordt in beginsel een aantal van 17 á 18 weekendbezoeken per jaar aan het ouderlijke milieu of een wezenlijk contact in beginsel als adequaat beoordeeld. Dit aantal is de uitkomst van een aanvaardbaar te achten instelling en eens per drie weken eventueel een weekend zonder familiecontact.
Gehandicapten met een inkomen vanaf het WWB-inkomen komen niet in aanmerking voor verstrekking van een bruikleenauto, omdat het eigendom van een auto bij dat inkomenspeil als algemeen gebruikelijk beschouwd kan worden.
Als gevolg van de invoering van de glijdende schaal geldt bij vervoerskosten tegemoetkoming een afwijkende regel: indien het inkomen hoger is dan het belastbaar inkomen wordt de financiële tegemoetkoming in de kosten van vervoer als bedoeld in artikel 23 lid c. van de verordening gekort met het bedrag van de overschrijding.
De hoogte van de tegemoetkoming in de kosten van vervoer wordt afgestemd op de zelfstandige, resterende vervoersbehoefte:
Indien er sprake is van een beperkte vervoersbehoefte wordt de vervoerskostentegemoetkoming daarop afgestemd.
De vervoersbehoefte kan samenvallen met die van een partner. Bij een niet samenvallende vervoersbehoefte van partners wordt ten hoogste 150% van een enkele financiële tegemoetkoming verstrekt voor het gebruik van het individueel vervoer.
Bij kinderen onder de leerplichtige leeftijd valt de vervoersbehoefte doorgaans samen met die van de ouders, zoals ook gebruikelijk is bij niet-gehandicapte kinderen.
Voor kinderen tot vier jaar wordt daarom geen normbedrag beschikbaar gesteld
Voor vier- tot twaalfjarigen geldt een kortingspercentage van 25% omdat zij veelal door hun ouders worden begeleid zoals ook gebruikelijk is bij niet-gehandicapte kinderen.
Indien op grond van andere verstrekte vervoersvoorzieningen reeds voor een deel in de vervoersbehoefte wordt voorzien kan op de norm een korting worden toegepast: wanneer bij uitzondering een tegemoetkoming wordt verstrekt aanvullend op collectief vervoer bedraagt de korting 75%.
Bij cumulatie van kortingen worden respectievelijk de korting voor een beperkte vervoersbehoefte, de partnerkorting en de leeftijdskorting toegepast.
Hoofdstuk 5
Artikel 5.5
Algemene beoordelingscriteria
Onderdeel van Nadere regels individuele voorzieningen maatschappelijke ondersteuning Nijkerk