Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2. › Afdeling 8.

Artikel 2:28a

Exploitatie Terrassen

Onderdeel van Algemene plaatselijke verordening gemeente Bergen 2013

1.. Het is verboden een terras behorende bij een openbare inrichting te exploiteren zonder vergunning van de burgemeester. 2.. De burgemeester weigert de vergunning indien de exploitatie van het terras in strijd is met een geldend bestemmingsplan. 3.. Onverminderd het bepaalde in artikel 1:8 kan de burgemeester de vergunning geheel of gedeeltelijk weigeren, indien naar zijn oordeel de woon- en leefsituatie in de omgeving van de openbare inrichting, de openbare orde of de veiligheid op ontoelaatbare wijze nadelig wordt beïnvloed door de aanwezigheid van het terras. 4.. Bij de toepassing van de in het derde lid genoemde weigeringsgrond houdt de burgemeester rekening met: a.. het karakter van de straat en de wijk waarin het terras is gelegen of zal zijn gelegen; b.. de aard van het terras; c.. de spanning waaraan het woon- en leefklimaat ter plaatse reeds bloot staat; d.. de wijze van bedrijfsvoering door de exploitant of de leidinggevende; e.. het levensgedrag van de exploitant of leidinggevende. 5.. Onverminderd het bepaalde in het derde lid, kan de burgemeester de vergunning weigeren indien: a.. het beoogde gebruik schade toebrengt aan de weg dan wel gevaar oplevert voor de bruikbaarheid van de weg of voor het doelmatig beheer en veilig gebruik daarvan; b.. het beoogde gebruik een belemmering vormt voor het doelmatig beheer en onderhoud van de weg; c.. het beoogde gebruik afbreuk doet aan andere publieke functies van de weg, inclusief de bescherming van het uiterlijk aanzien daarvan. 6.. De burgemeester kan de vergunning weigeren indien sprake is van het geval en onder de voorwaarde als bedoeld in artikel 3 van de Wet bevordering integriteitsbeoordelingen door het openbaar bestuur. 7.. Het bevoegd bestuursorgaan kan in het belang van de openbare orde of de woon- en leefomgeving nadere regels stellen ten aanzien van de exploitatie van terrassen. 8.. Op de vergunning bedoeld in het eerste lid is paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) niet van toepassing.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel