Gebiedsbeschrijving
Het bedrijventerrein De Hoge Eng heeft een bruto oppervlakte van 8.3 ha. Dit bedrijventerrein is deels nog in aanbouw en in aan de zuidkant van Putten gelegen. Het bedrijvenpark wordt omsloten door de Van Geenstraat, de Halvinkhuizerweg, de Hoge Engweg en de Voorthuizerstraat. Het terrein grenst aan het bestaande woongebied van Putten en wordt ervan onderscheiden door de Van Geenstraat. Het terrein is bestemd voor kleinere, milieuvriendelijke bedrijven en kantoren. De Hoge Eng heeft uitdrukkelijk een representatief karakter langs de wegen Van Geenstraat en Halvinkhuizerweg. Aan de zuidkant van het terrein is een klein woonwagenterrein gelegen. Dit terrein is welstandsvrij, hiervoor worden geen criteria opgesteld.
Er is sprake van relatief extensief ruimtegebruik, waarbij de bedrijfsbebouwing veelal centraal op het perceel staat, met rondom ruimte voor eventuele transportbewegingen (bevoorrading en afvoer van producten), parkeren en buitenopslag. Dat leidt tot relatief veel verharding.
Er is een aantal grote bedrijfsgebouwen geplaatst met de representatieve zijde naar de Van Geenstraat. Dit betekent dat kwalitatief hoge eisen gesteld worden aan de verschijningsvorm van de bebouwing in deze zone. De bedrijven hebben een samenhangend en verzorgd totaalbeeld, waarbinnen ieder bedrijf een eigen gezicht heeft.
Op het terrein zelf komen naast bedrijfsgebouwen ook bedrijfswoningen voor. Enkele zijn op zeer prominente plaatsen van het terrein geplaatst en op de straat georiënteerd. In het geval van een bedrijfswoning is de bedrijfshuisvesting veelal op het achtererf van de woning geplaatst.
De opzet van het bedrijventerrein is ruim. De bebouwing is één tot twee lagen hoog.
Doordat de percelen individueel zijn uitgegeven, is een divers beeld van grootschalige en kleinschalige gebouwen ontstaan, waarbij de gebouwen vaak één tot twee verdiepingen hoog zijn. Veel bedrijfspanden zijn voorzien van een plat dak terwijl bedrijfswoningen een kap hebben.
Detaillering, kleur- en materiaalgebruik
Door de individuele ontwerpen is er een grote variatie aan kleur en materiaal op het bedrijventerrein. Kunststof en glas komen voor naast baksteen. De detaillering is per gebouw verschillend. Ieder gebouw is met zorg ontworpen.
Waardebepaling, ontwikkeling en beleid
Aan de rand van het bedrijventerrein, waar de gebouwen voor velen zichtbaar zijn, is representativiteit van groot belang. Het bedrijventerrein neemt een belangrijke plaats in in Putten door zijn centrale ligging aan de Van Geenstraat en opvallende individuele ontwerpen. Het bestemmingsplan is consoliderend van aard.
Welstandscriteria
Algemeen
De bestaande gebouwde omgeving is het kwalitatieve referentiepunt voor ieder (vergunningplichtig) bouwwerk. Dat wil zeggen dat een bouwkundige toevoeging of verandering de bestaande stedenbouwkundige structuur, de typologie van gebouwen en detaillering, kleur en materiaalgebruik ervan als uitgangspunt dient te nemen.
Plaatsing
Bebouwing is individueel herkenbaar.
De bebouwing staat met de representatieve zijde (kantoorgedeelte, entree) naar de Van Geenstraat of Halvinkhuizerweg. Indien het pand niet gelegen is aan de Van Geenstraat of Halvinkhuizerweg, dient de representatieve zijde naar de openbare ruimte gekeerd te zijn
Massa en vorm bebouwing
anden hebben een individuele uitstraling.
Bebouwing heeft een hiërarchische gevelindeling.
Detaillering, kleur- en materiaalgebruik
et representatieve deel wordt in hoofdzaak uitgevoerd in hoogwaardige materiaalsoorten, zoals natuursteen, aluminium, baksteen en glasgevels.
Aan en uitbouwen en bijgebouwen sluiten in kleur en materiaalgebruik aan bij het hoofdgebouw.
Welstandsniveau
Bij de interpretatie van de welstandscriteria in dit deelgebied wordt een "lichte welstandstoets" toegepast zoals deze staat beschreven in paragraaf 2.5.
Een "reguliere welstandstoets" wordt toegepast bij de bebouwing langs de Linten die aangegeven staan op de kaart "deelgebieden kern Putten".
Hoofdstuk
Artikel 9.10.3
De Hoge Eng
Onderdeel van WELSTANDSNOTAGEMEENTE PUTTEN Vastgesteld bij besluit van de raad van 7 februari 2013 nr. 291549