Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 4

Artikel Bijzondere

bepalingen

Onderdeel van Verordening voorzieningen maatschappelijke ondersteuning Gouda 2010

1.. Het college verleent slechts een financiële tegemoetkoming in de kosten als bedoeld in artikel 4.1, lid 1,onder b en c indien in de financiering van het niet door subsidie gedekte deel van de voorziening is voorzien. 2.. Het college verleent slechts een financiële tegemoetkoming in de aanpassingskosten van woonwagens indien: de technische levensduur van de woonwagen nog minimaal vijf jaar is; de standplaats niet binnen vijf jaar voor opheffing in aanmerking komt; de woonwagen ten tijde van de indiening van de aanvraag voor een woonvoorziening bij de gemeente op de standplaats stond en hoofdbewoner van een woonwagen in het bezit is van een bewoningsvergunning als bedoeld in de Woningwet. 3.. Het college verleent slechts een financiële tegemoetkoming in de aanpassingskosten van een woonschip indien: de technische levensduur van het woonschip ten tijde van indiening van de aanvraag nog minimaal vijf jaar is; het woonschip ten tijde van indiening van de aanvraag nog minimaal vijf jaar op de ligplaats mag blijven liggen. 4.. Indien de technische levensduur van de woonwagen of woonschip ten tijde van indiening van de vraag minder dan vijf jaar is of de standplaats van de woonwagen binnen vijf jaar voor opheffing in aanmerking komt of het schip niet tenminste nog vijf jaar op de ligplaats mag liggen, bedragen de maximale aanpassingskosten welke wordt vastgesteld volgens het bepaalde in het Besluit maatschappelijke ondersteuning Gouda. 5.. Het college verleent slechts een financiële tegemoetkoming in de aanpassingskosten van een binnenschip indien de aanpassing betrekking heeft op het voor de schipper, de bemanning en hun gezinsleden bestemde gedeelte van het verblijf als bedoeld in artikel 1, tweede lid, onderdeel V, van het Binnenschipbesluit (Stb. 1987, 466), van een binnenschip, dat: in het register, bedoeld in artikel 783 van Boek 8 van het Burgerlijk Wetboek als zodanig te boek is gesteld op de wijze omschreven in de maatregel te boekgestelde schepen 1992; en bedrijfsmatig wordt gebruikt, hetzij voor het vervoer van goederen, daarbij blijkens de meetbrief bedoeld in het metingbesluit binnenvaartuigen 1978 een laadvermogen van tenminste 15 ton hebbend, of voor het vervoer van meer dan 12 personen buiten de in de aanhef bedoelde.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel