**1..** De persoon kan voor een woonvoorziening als bedoeld in artikel 6.6 lid 1 sub c van de Verordening in aanmerking komen indien de toepassing van artikel 5.3 lid 3 van de Verordening niet compenserend is en aantoonbare beperkingen in de persoon het normale gebruik van de woning belemmeren.
**2..** De persoon kan voor een combinatie van de voorzieningen als bedoeld in artikel 6.6 lid 1 sub a tot en met c van de Verordening in aanmerking komen indien: a. deze voorzieningen afzonderlijk niet de goedkoopst compenserende voorzieningen zijn en b. wanneer aantoonbare beperkingen in de persoon het normale gebruik van de woning belemmeren. Daarbij geldt dat een woonvoorziening als bedoeld in artikel 6.6 lid 1 sub b van de Verordening als onderdeel van de combinatie van voorzieningen slechts wordt verstrekt indien deze gericht is op het opheffen of verminderen van ergonomische belemmeringen.
HOOFDSTUK 2:
Artikel 2.17
Recht op een woonvoorziening en primaat van verhuizen
Onderdeel van Besluit nadere regels Wmo 2013