Naar hoofdinhoud

Artikel 18

Eigen bijdragen en eigen aandeel

Onderdeel van Verordening voorzieningen maatschappelijke ondersteuning gemeente Moerdijk

De gemeente Moerdijk maakt gebruik van haar recht (vastgelegd in artikel 15 van de Wet) om bij de verstrekking van een individuele voorziening een eigen bijdrage of eigen aandeel te vragen aan belanghebbende. Dit is vastgelegd in lid 1 van dit artikel. In het tweede lid van artikel 18 is vastgelegd in welke gevallen geen eigen bijdrage en eigen aandeel verschuldigd is. Een aantal gevallen zijn wettelijk bepaald, zo mag er wettelijk gezien geen eigen bijdrage voor rolstoelen en voor voorzieningen voor kinderen jonger dan 18 jaar worden gevraagd. Voor forfaitaire financiële tegemoetkomingen is een eigen bijdrage ook niet aan de orde omdat dit bedrag een tegemoetkoming in de kosten is en niet afhankelijk is van de werkelijk gemaakte kosten. Voor het collectief vervoer betaalt de belanghebbende een gebruikersbijdrage (strippen-tarief) waardoor een eigen bijdrage niet aan de orde is. Tot slot de woningaanpassingen in gemeenschappelijke ruimten. Deze komen ten goede aan alle bewoners en niet rechtstreeks aan een enkele belanghebbende. In artikel 18 lid drie wordt bepaald dat het College de hoogte en de duur van de eigen bijdrage en eigen aandeel vastlegt in het Financieel besluit maatschappelijke ondersteuning gemeente Moerdijk. Dit met inachtneming van de bepalingen in het Besluit Maatschappelijke Ondersteuning (Algemene Maatregel van Bestuur). Hierin is bepaald in welke gevallen een eigen bijdrage en een eigen aandeel opgelegd kan worden en waarmee rekening gehouden moet worden bij de vaststelling van de hoogte daarvan. In de VNG modelverordening was ruimte gereserveerd voor deze bepaling maar was deze in afwachting van jurisprudentie nog niet uitgewerkt. Hoofdstuk 7. Procedurele bepalingen rond onderzoek, advies en besluitvorming, intrekking en terugvordering

Rechtspraak bij dit artikel