Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK 1

Artikel 1.2

Afbakening

Onderdeel van Verordening voorzieningen gehandicapten 2005

1.. Een voorziening wordt slechts toegekend voor zover: deze in overwegende mate op het individu is gericht; deze langdurig noodzakelijk is om diens belemmeringen op het gebied van het wonen of zich binnen of buiten de woning verplaatsen op te heffen of te verminderen; deze, naar objectieve maatstaven gemeten, als de goedkoopst adequate voorziening kan worden aangemerkt. 2.. Met uitzondering van hetgeen in het eerste lid sub a. is gesteld, kan een voorziening worden verstrekt in de vorm van een collectief vervoerssysteem als bedoeld in artikel 3.1 lid 1 en in de vorm van woningaanpassingen van gemeenschappelijke ruimten als bedoeld in artikel 2.6. 2.. Geen voorziening wordt toegekend: indien de voorziening voor een persoon als de aanvrager algemeen gebruikelijk is; voor zover op grond van enige andere wettelijke regeling aanspraak op de voorziening bestaat; voor zover de ondervonden ergonomische belemmeringen in de woning voortvloeien uit de aard van de in de woning gebruikte materialen en/of woon- bouwtechnische gebreken.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel