**1..** In deze afdeling wordt verstaan onder:
**a..** standplaats: het vanaf een vaste plaats op een openbare en in de openlucht gelegen plaats te koop aanbieden, verkopen of afleveren van goederen dan wel diensten, gebruikmakend van fysieke middelen, zoals een kraam, een wagen of een tafel.
**b..** standplaatshouder: de natuurlijke persoon aan wie door het college vergunning is verleend tot het innemen van een standplaats;
**c..** verkoopinrichting: datgene, waarmee het de standplaatshouder is toegestaan de standplaats in te nemen, zoals een voertuig, een kraam en dergelijke.
**2..** Onder standplaats wordt niet verstaan:
een vaste plaats op een jaarmarkt of markt als bedoeld in artikel 160, eerste lid, aanhef en onder h, van de Gemeentewet;
een vaste plaats op een evenement als bedoeld in artikel 2:24 van deze verordening
Hoofdstuk 5 › Afdeling 4
Artikel 5:15
Begripsbepaling
Onderdeel van Algemene Plaatselijke Verordening 2012