**1..** Nadat een gebouw of terrein niet meer voor het bevoegd gezag nodig is voor de huisvesting van een school wordt het gebruik van het gebouw of het terrein zo spoedig mogelijk beëindigd, doch uiterlijk op de datum genoemd in de door het college en het bevoegd gezag ondertekende gezamenlijke akte of op de datum zoals vastgesteld door gedeputeerde staten bij de beslissing als bedoeld in de Wet op het primair onderwijs inzake een geschil over de totstandkoming van een gezamenlijke akte.
**2..** Als er, naar het oordeel van het college, mogelijk sprake is van achterstallig onderhoud aan het gebouw of het terrein als bedoeld in het eerste lid, dat tot de verantwoordelijkheid van het bevoegd gezag behoort, wordt, voordat de eigendomsoverdracht plaatsvindt, een staat van onderhoud opgemaakt.
**3..** De staat van onderhoud wordt opgemaakt in opdracht van het college na overleg met het bevoegd gezag.
**4..** Het college en het bevoegd gezag overleggen over de staat van onderhoud. In het overleg wordt, indien van toepassing, vastgesteld welk deel van het onderhoud alsnog door het bevoegd gezag wordt uitgevoerd of welk bedrag het bevoegd gezag in de plaats daarvan aan het college betaalt. Indien het overleg niet tot overeenstemming leidt, stellen partijen vast welke handelwijze wordt gevolgd.
**5..** Het opmaken van een staat van onderhoud blijft achterwege als dit naar het oordeel van het college niet nodig is.
Hoofdstuk 6
Artikel 37
Tijdstip beëindiging gebruik; staat van onderhoud
Onderdeel van Verordening onderwijshuisvesting Wormerland 2010