Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 4 › Paragraaf

Artikel 148

Aanvullende criteria voor bijzondere gebieden

Onderdeel van Welstandsnota Vlaardingen

Voor de bijzondere gebieden gelden de volgende aanvullende criteria: Plaatsing • achter de voorgevellijn • bij gestapelde woningbouw - op het platte dak plaatsen en terugliggend van de rand - bij gestapelde woningbouw op of aan het balkon plaatsen binnen het verticale en horizontale vlak van het balkon en niet aan de gevel of kozijn Vorm en maat • installatie en bijbehorende voorzieningen (waaronder mast, bedrading, tuidraden) als één geheel vormgeven • beperken van aantal tuidraden, geen tuidraden bij bevestiging aan gevel • installaties zoals airco’s aan het gebouw maximaal 0,50 m hoog, 1,00 m breed en plaatsen op minstens 0,50 m van de dakrand • antennes zijn maximaal 5,00 m hoog, gemeten vanaf de voet van de drager • schotels zijn hoogstens 2,00 m in doorsnede • een windmolen op een plat dak heeft een totale hoogte van niet meer dan 4,00 m en is geplaatst op minstens 3,00 m van de dakrand Aanvullende criteria gebied 1A • airco’s alleen aan achterkanten • suskasten uit het zicht plaatsen

Rechtspraak bij dit artikel