**1..** De burgemeester kan een horecabedrijf tijdelijk of voor
onbepaalde tijd sluiten indien:
dat horecabedrijf wordt geëxploiteerd zonder geldige
exploitatievergunning;
het horecabedrijf wordt geëxploiteerd in strijd met de
aan de vergunning verbonden voorschriften;
zich een of meer van de in artikel 2:28b en c genoemde
situaties voordoen.
**2..** Een sluiting kan op verzoek van een belanghebbende door de
burgemeester worden opgeheven, wanneer later bekend geworden
feiten en omstandigheden hiertoe aanleiding geven en naar zijn
oordeel voldoende garanties aanwezig zijn, dat geen herhaling
van de gronden die tot de sluiting hebben geleid, zal
plaatsvinden.
**3..** Het in dit artikel bepaalde geldt niet voor zover in het daarin
geregelde onderwerp wordt voorzien door artikel 13b van de
Opiumwet.
Hoofdstuk 2 › Afdeling 8
Artikel 2:30a
Sluiting horecabedrijf (z)
Onderdeel van Algemene plaatselijke verordening (APV) Zaanstad 2013