**1..** De bestuurlijke boete voor overtredingen, bedoeld in artikel 10, eerste lid van deze verordening, bedraagt ten hoogste € 250,00 indien de inburgeringsplichtige zich binnen twaalf maanden na de vorige als verwijtbaar aangemerkte overtreding opnieuw schuldig maakt aan dezelfde overtreding.
**2..** De bestuurlijke boete voor overtredingen, bedoeld in artikel 10, tweede lid van deze verordening, bedraagt ten hoogste € 500,00 indien de inburgeringsplichtige zich binnen twaalf maanden na de vorige als verwijtbaar aangemerkte overtreding opnieuw schuldig maakt aan dezelfde overtreding.
**3..** De bestuurlijke boete bedraagt ten hoogste € 500,00 indien de inburgeringsplichtige niet binnen de door het college op grond van artikel 32 of 33 van de wet vastgestelde termijn het inburgeringsexamen of staatsexamen heeft behaald.
**4..** Indien het college besluit om met toepassing van art. 5:41 Awb geen bestuurlijke boete op te leggen, wordt de belanghebbende daarvan schriftelijk mededeling gedaan.
**5..** Het college legt, met inachtneming van het bepaalde in art. 5:46 lid 2 Awb, in beleidsregels vast de differentiatie in de hoogte van de boetes in relatie tot herhaalde sanctiewaardige gedragingen.
Hoofdstuk 4
Artikel 11
Verhoging van de bestuurlijke boete bij herhaling van de overtreding
Onderdeel van Verordening wet inburgering Leidschendam-Voorburg 2009