Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 4

Artikel 21

Antispeculatiebeding

Onderdeel van Verordening maatschappelijke ondersteuning Nieuwe Waterweg Noord 2013

1.. De eigenaar van de woonruimte die krachtens de Verordening een financiële tegemoetkoming in de kosten van het treffen van een woonvoorziening heeft ontvangen en die binnen een periode van vijf jaar na de datum van gereedmelding van de werkzaamheden de woonruimte of het wooncomplex verkoopt, is gehouden om binnen een week na het passeren van de koopakte het college hiervan schriftelijk op de hoogte te stellen. De meerwaarde die door het treffen van de voorziening is ontstaan, wordt aan het college terugbetaald conform de regeling in het tweede lid van dit artikel. 2.. De restitutie als bedoeld in het eerste lid bedraagt: a.. binnen één jaar na de gereedmelding zoals bedoeld in het eerste lid van dit artikel: 100% van de voornoemde meerwaarde; b.. binnen twee jaar na de gereedmelding zoals bedoeld in het eerste lid van dit artikel: 80% van de voornoemde meerwaarde; c.. binnen drie jaar na de gereedmelding zoals bedoeld in het eerste lid van dit artikel: 60% van de voornoemde meerwaarde; d.. binnen vier jaar na de gereedmelding zoals bedoeld in het eerste lid van dit artikel: 40% van de voornoemde meerwaarde; e.. binnen vijf jaar na de gereedmelding zoals bedoeld in het eerste lid van dit artikel: 20% van de voornoemde meerwaarde. 3.. Voor het bepaalde in het tweede lid van dit artikel geldt dat de kosten van de in het eerste lid genoemde woonvoorziening die voor rekening van de eigenaar van de woonruimte zijn gekomen in mindering worden gebracht op het aan het college terug te betalen bedrag.

Rechtspraak bij dit artikel