Aan de alleenstaande of alleenstaande ouder wordt gedurende maximaal 6 maanden een toeslag van maximaal 10 procent van de gehuwdennorm verleend, indien belanghebbende kan worden aangemerkt als schoolverlater als bedoeld in artikel 28 van de wet;
Aan de alleenstaande of alleenstaande ouder als bedoeld in het eerste lid, wordt gedurende maximaal 6 maanden geen toeslag verleend, indien belanghebbende thuisinwonend is.