De navolgende middelen kunnen bruto worden ingezet voor de keuzemogelijkheden, genoemd in artikel 3:
Verlofuren
De werknemer kan jaarlijks tot 1 november een verzoek indienen om gedurende het daaropvolgende jaar de duur van de vakantie te verminderen in ruil voor een vergoeding overeenkomend met de hoogte van het uurloon dat de medewerker geniet bij de aanvang van het kalenderjaar waarop het verzoek betrekking heeft. Het aantal te verminderen vakantie-uren bedraagt, bij medewerkers met een volledige betrekking, maximaal 72 uren. Indien de medewerker is aangesteld voor minder dan 36 uur, dan geldt een naar evenredigheid lager aantal als maximum. De werknemer dienst er rekening mee te houden dat hij minimaal 144 uur verlof behoudt, wat niet ingezet mag worden (=wettelijke bepaling). Het verzoek kan worden afgewezen in verband met zwaarwegende bedrijfs-of dienstbelangen. De medewerker kan alleen uren inzetten die de medewerker in het nieuwe jaar krijgt
Overwerk
De werknemer kan een verzoek indienen om overwerkuren gedurende het daaropvolgende jaar in te zetten in ruil voor een vergoeding overeenkomend met de hoogte van het uurloon vermeerderd met de overwerktoeslag. Het verzoek kan worden afgewezen in verband met zwaarwegende bedrijfs-of dienstbelangen
Plus/min-saldo
De werknemer kan tot 1 januari 2009 een verzoek indienen om plus/min-saldo gedurende het daaropvolgende jaar in te zetten in ruil voor een vergoeding overeenkomend met de hoogte van het uurloon dat de medewerker geniet bij de aanvang van het kalenderjaar waarop het verzoek betrekking heeft. Het aantal om te zetten plus/min-saldo bedraagt, bij medewerkers met een volledige betrekking, maximaal 72 uren. Indien de medewerker is aangesteld voor minder dan 36 uur, dan geldt een naar evenredigheid lager aantal als maximum. Het verzoek kan worden afgewezen in verband met zwaarwegende bedrijfs-of dienstbelangen. Per 1 januari 2009 vervalt deze mogelijkheid.
Eindejaarsuitkering
Een werknemer kan verzoeken zijn eindejaarsuitkering (conform artikel 3:6 Arbeidsvoorwaardenregeling) te verlagen.
Vakantietoelage
Een werknemer kan verzoeken zijn vakantietoelage (conform artikel 6:3 Arbeidsvoorwaardenregeling) te verlagen. Zijn vakantietoelage moet na verlaging gelijk of hoger zijn dan het wettelijk minimumloon
Bezoldiging
Een werknemer kan verzoeken zijn bezoldiging (conform artikel 3:1 Arbeidsvoorwaardenregeling) te verlagen. Zijn bezoldiging moet na verlaging gelijk of hoger zijn dan het wettelijk minimumloon.
Decentrale gelden
Een medewerker kan verzoeken de uitbetaling van het “restant” decentrale gelden (conform afspraken met GO) als middel in te zetten.
Werkgeversbijdrage levensloopregeling
Een medewerker kan verzoeken de werkgeversbijdrage van de levensloopregeling als middel in te zetten.