Het is verboden zonder of in afwijking van een door het college
verleende gebruiksvergunning een inrichting in gebruik te hebben of
te houden, voor zover daarin:
meer dan 50 personen tegelijk aanwezig zullen zijn of,
aan meer dan 10 personen bedrijfsmatig of in het kader van
verzorging nachtverblijf zal worden verschaft of,
aan meer dan 10 personen jonger dan 12 jaar, of aan meer dan
10 lichamelijk of geestelijk gehandicapte personen
dagverblijf zal worden verschaft.
Geen gebruiksvergunning is vereist voor het in gebruik hebben of
houden van tenten:
met een oppervlakte van minder dan 500 m², waarbij per
persoon 1,2 m² gebruikoppervlak beschikbaar is;
waarbij er, ongeacht de oppervlakte van de tent, minder dan
tien niet-zelfredzame personen gelijktijdig in de tent
aanwezig zijn, of
waarbij er, ongeacht de oppervlakte van de tent, minder dan
tien personen gelijktijdig in de tent slapen;
en mits voldaan wordt aan de door het college gestelde algemene
voorschriften.
Het college kan aan de gebruiksvergunning voorwaarden verbinden met
inachtneming van het gestelde in de artikelen 4 en 5.
Het college kan aan de gebruiksvergunning nieuwe voorwaarden
verbinden en gestelde voorwaarden wijzigen of intrekken, indien het
belang waarvoor de gebruiksvergunning is verleend dit vereist op
grond van een verandering van inzichten of verandering van de
omstandigheden gelegen buiten de inrichting, opgetreden na het
verlenen van de gebruiksvergunning.
Paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht is niet van
toepassing.