1.. Het college kan een stads- of dorpsgezicht aanwijzen als beschermd gemeentelijk stads- of dorpsgezicht.

2.. Voordat het college over de aanwijzing een besluit neemt, legt het het concept-aanwijzingsbesluit vier weken ter visie en vraagt het, met de ingebrachte zienswijzen, advies aan de Monumentencommissie.

3.. De aanwijzing kan geen stads- of dorpsgezicht betreffen dat is aangewezen op grond van artikel 35 van de Monumentenwet 1988 of dat is aangewezen op grond van de monumentenverordening van de provincie Zuid-Holland.