Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK 2.

Artikel 3.

Hoogte toeslag

Onderdeel van Toeslagenverordening WWB Breda 2013

1.. De toeslag bedoeld in artikel 25, eerste lid, van de WWB bedraagt 20 procent van de gehuwdennorm voor de alleenstaande en alleenstaande ouder in wiens woning geen ander zijn hoofdverblijf heeft. 2.. De toeslag bedoeld in artikel 25, eerste lid, van de WWB bedraagt 10 procent van de gehuwdennorm voor de alleenstaande en alleenstaande ouder in wiens woning één of meer anderen hun hoofdverblijf hebben. 3.. Voor de toepassing van het eerste en tweede lid van dit artikel worden inwonende kinderen van 18 en ouder met een inkomen uit studiefinanciering, zoals bedoeld in artikel 25, eerste lid, van de WWB, niet in aanmerking genomen als een ander die in dezelfde woning hun hoofdverblijf hebben. 3.. Voor de toepassing van het eerste en tweede lid van dit artikel worden de zorgbehoevende en zijn verzorger niet in aanmerking genomen als een ander die in dezelfde woning hun hoofdverblijf hebben. 3.. In afwijking van het tweede lid heeft de kostganger recht op toeslag ingevolge dit artikel, indien de verschuldigde kostprijs tenminste 20% van de gehuwdennorm bedraagt.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel