In een aantal gevallen zal blijken dat het voor de leerling niet mogelijk is zelfstandig met het openbaar vervoer te reizen. In deze situatie blijven ouders verantwoordelijk voor de begeleiding van de leerling. Wie uiteindelijk als begeleider zal fungeren is in principe niet van belang. Ongeacht wie de leerling begeleidt, vindt de bekostiging van de kosten plaats aan de ouders van de leerling. Indien één begeleider (al dan niet een ouder) meer dan één leerling tegelijk begeleidt, geldt slechts bekostiging als ware er sprake van de begeleiding van een leerling.
Artikel 10 is van toepassing als voldaan wordt aan de algemene bepalingen van artikel 8 en de ouders kunnen aantonen dat de leerling niet in staat is zelfstandig van het openbaar vervoer gebruik te maken.
Ter onderbouwing dienen ouders bewijsstukken, zoals gegevens over de routes van het openbaar vervoer, psychologische -en medische verklaringen aan te leveren . Het college stelt nadere regels vast.
Artikel 10
Bekostiging van de kosten van vervoer ten behoeve van een begeleider
Onderdeel van Verordening leerlingenvervoer 2013 Ridderkerk