Naar hoofdinhoud
1. Binnen dertien weken na ontvangst van de gereedmelding als bedoeld in artikel 9 neemt het college een besluit tot vaststelling en uitbetaling van de subsidie. 2. Het college kan de subsidie in ieder geval lager vaststellen dan het bedrag uit de subsidieverlening indien de aanvrager het bij of krachtens deze verordening gestelde niet heeft nageleefd. 3. Het college kan de termijn, genoemde in lid 1, eenmalig met acht weken verlengen. Het college deelt een dergelijke verlenging mee aan de subsidieontvanger 4. Subsidievaststelling vindt plaats op basis van de door het college goedgekeurde werkelijke kosten met als maximum het bij de subsidieverlening toegekende bedrag.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel