**1..** Het is verboden zonder vergunning van het bevoegd gezag
houtopstand te vellen of te doen vellen.
Het in het eerste lid gestelde verbod geldt niet voor
houtopstanden binnen de bebouwde kom en houtopstanden op
erf buiten de bebouwde kom, wanneer het betreft:
de loofhoutsoorten berk (Betula), esdoorn
(Acer), kers (Prunus), lijsterbesachtigen
(Sorbus), gouden regen (Laburnum), goudiep (Ulmus
carpinifolia ‘Wredei’), hulst (Ilex), Italiaanse
populier (Populus nigra ‘Italica’), Appel (Malus),
Krenteboompje (Amelanchier), fluweelboom (Rhus)
en
de naaldbomen, met uitzondering van Taxus (Taxus
soorten).
De in lid 1 onder a gestelde vrijstellingen gelden niet
voor houtopstanden wanneer:
het een houtopstand betreft: in een tuin
behorende bij een historisch pand;
in het Wilhelminapark in Eerbeek;
geregistreerde monumentale bomen bij ‘De
Bomenstichting’ te Amsterdam;
of een houtopstand op door het college nader aan
te wijzen plaatsen.
**2..** Het in het eerste lid gestelde verbod geldt voorts niet voor
houtopstanden wanneer het betreft:
populieren en wilgen als wegbeplantingen en éénrijige
beplantingen op of langs landbouwgronden, tenzij deze
zijn geknot;
fruitbomen en windschermen om boomgaarden;
fijnsparren of andere coniferen, niet ouder dan twaalf
jaar, bestemd om te dienen als kerstbomen en geteeld op
daarvoor in het bijzonder bestemde terreinen;
kweekgoed;
houtopstand die bij wijze van dunning moet worden
geveld.
**3..** Het in het eerste lid gestelde verbod geldt tevens niet voor
houtopstand buiten de bebouwde kom, die een zelfstandige eenheid
vormt en die een grotere oppervlakte beslaat dan 10 are, hetzij
in geval van rijbeplanting, gerekend over het totaal aantal
rijen, meer bomen bevat dan 20.
**4..** Het in het eerste lid gestelde verbod geldt tenslotte niet
voor:
houtopstand die moet worden geveld krachtens de
Plantenziektewet of krachtens een aanschrijving of last
van het college, zulks onverminderd het bepaalde in
artikel 4:18 van deze paragraaf;
het periodiek vellen van hakhout ter uitvoering van het
reguliere onderhoud;
het periodiek knotten of kandelaberen als
cultuurmaatregel bij daarvoor geschikte
boomsoorten;
hagen of heggen staande in de onmiddellijke nabijheid
van woonbebouwing buiten, dan wel binnen de bebouwde
kom, waarbij sprake is van een zekere ruimtelijke
relatie met deze woonbebouwing.
**5..** Het eerste lid is niet van toepassing als de burgemeester
toestemming verleent voor het vellen van een houtopstand in
verband met een spoedeisend belang voor de openbare orde of een
direct gevaar voor personen of goederen (noodkap).
Hoofdstuk 4 › Afdeling 3.
Artikel 4:12
Omgevingsvergunning voor het vellen van houtopstanden
Onderdeel van Algemene Plaatselijke Verordening gemeente Brummen 2013