Naar hoofdinhoud

Artikel 7.

Inwonend bij ouders.

Onderdeel van Toeslagenverordening Wet investeren in jongeren

Voor de alleenstaande jongere van 21 jaar, die zijn hoofdverblijf heeft in de woning van zijn (stief-)ouders wordt de toeslag bepaald op een bedrag gelijk aan 5% van de gehuwdennorm. Voor de alleenstaande jongere van 22 jaar of ouder of de alleenstaande ouder van 21 jaar en ouder, die zijn hoofdverblijf heeft in de woning van zijn (stief-ouder(-s) wordt de toeslag bepaald op een bedrag gelijk aan 10% van de gehuwdennorm. De verlaging van de toeslag voor 21 en 22 jarige alleenstaanden, zoals bedoeld in het eerste en tweede lid is niet van toepassing ten aanzien van de jongere op wie artikel 11 van toepassing is. Voor de alleenstaande of de alleenstaand ouder, die zijn hoofdverblijf heeft in de woning van (een van) zijn (stief-)kind(-eren), wordt de netto toeslag bepaald op een bedrag gelijk aan 10% van de gehuwdennorm.

Rechtspraak bij dit artikel