Een bewonersvergunning en een milieuparkeervergunning voor bewoners wordt niet geweigerd wegens het bereiken van het vergunningenplafond als bedoeld in artikel 32, vierde, vijfde en zevende lid, indien:
de aanvrager in de drie jaar voorafgaand aan de aanvraag, houder was van een bewonersvergunning, dan wel milieuparkeervergunning voor bewoners, voor hetzelfde adres;
de onder a genoemde vergunning is ingetrokken op verzoek van de vergunning-houder;
de aanvraag niet eerder is ontvangen dan zes maanden na intrekking van de onder a genoemde vergunning;
het adres waarvoor de vergunning wordt aangevraagd niet is gelegen in een vergunninggebied met een vergunningenplafond van nul, bewonersvergunningenplafond van nul dan wel milieuparkeervergunningenplafond van nul, en
wordt voldaan aan de overige voorwaarden voor een bewonersvergunning en milieuparkeervergunning voor bewoners, gesteld bij of krachtens deze verordening.
Hoofdstuk 3 › Paragraaf 6.
Artikel 33
Voormalige houders van een bewonersvergunning
Onderdeel van Parkeerverordening 2013