Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 3 › Paragraaf 6.

Artikel 34

Plaatsing wachtlijst

Onderdeel van Parkeerverordening 2013

1.. De aanvrager wordt op een wachtlijst geplaatst, indien zijn aanvraag voor een bewonersvergunning, een bedrijfsvergunning of een volkstuinvergunning is geweigerd op grond van het feit dat het adres waarvoor de vergunning is aangevraagd is gelegen in een vergunninggebied waarvan het vergunningenplafond, het bewonersvergunningenplafond of het bedrijvenvergunningenplafond is bereikt, behoudens het vierde en het negende lid. 2.. De aanvrager wordt op een wachtlijst geplaatst, indien een milieu-parkeervergunning voor bewoners of een milieuparkeervergunning voor bedrijven is geweigerd op grond van het feit dat het milieuparkeervergunningenplafond is bereikt, behoudens het vierde en het tiende lid. 3. . De aanvrager wordt op een wachtlijst geplaats, indien zijn aanvraag voor een overloopvergunning is geweigerd op grond van het feit dat het overloopvergunningenplafond, dan wel het vergunningenplafond, het bewonersvergunningenplafond of het bedrijvenvergunningenplafond voor het overloopgebied waarvoor de vergunning is aangevraagd is bereikt; 4.. Een aanvrager wordt in afwijking van het eerste en tweede lid niet op een wachtlijst geplaatst indien het vergunningenplafond is vastgesteld op nul. 5.. De volgorde waarin de aanvragers op een wachtlijst worden geplaatst, is de volgorde van ontvangst van de volledige aanvraag. 6.. Indien een bewoner verhuist naar een ander vergunninggebied en direct voorafgaand aan de verhuizing over een bewonersvergunning, dan wel milieuparkeervergunning voor bewoners, beschikte of daarvoor op een wachtlijst stond, is voor de volgorde tevens bepalend de datum waarop de vorige bewonersvergunning, dan wel milieuparkeervergunning voor bewoners, is verleend of de datum van eerdere plaatsing op de wachtlijst, met dien verstande dat indien de periode tussen de genoemde datum en de datum van aanvraag van de nieuwe bewonersvergunning, dan wel milieuparkeervergunning voor bewoners, langer is dan de wachttijd van de bovenste aanvrager, de vergunning terstond verleend wordt. 7.. Indien de aanvrager voor het verkrijgen van de vorige bewonersvergunning, dan wel milieuparkeervergunning voor bewoners, op een wachtlijst heeft gestaan, moet de totale tijd die de aanvrager op de betreffende wachtlijst heeft gestaan plus de tijd dat hij een bewonersvergunning, dan wel milieuparkeervergunning voor bewoners, heeft gehad, worden meegenomen. 8.. Het vijfde en zesde lid zijn van overeenkomstige toepassing in het geval een bedrijf verhuist. 9.. Aanvragers voor een tweede bewonersvergunning worden niet op de wachtlijst geplaatst. 10.. Aanvragers voor een tweede milieuparkeervergunning voor bewoners worden niet op de wachtlijst geplaatst. 11. . Aanvragers voor een stadsbrede autodeelvergunning worden niet op de wachtlijst geplaatst. 12.. Indien een houder van een bewonersvergunning een milieuparkeervergunning voor bewoners aanvraagt, geldt als ingangsdatum van de milieuparkeervergunning voor bewoners de datum van ontvangst van de eerste aanvraag voor een bewonersvergunning. 13.. Indien een houder van een bedrijfsvergunning een milieuparkeervergunning voor bedrijven aanvraagt, geldt als ingangsdatum van de milieuparkeervergunning voor bedrijven de datum van ontvangst van de eerste aanvraag voor een bedrijfsvergunning. 14.. Indien een houder van een milieuparkeervergunning voor bewoners een bewonersvergunning aanvraagt, geldt als ingangsdatum van de bewonersvergunning de datum van ontvangst van de eventuele eerste aanvraag voor een bewonersvergunning, dan wel een milieuparkeervergunning voor bewoners. 15.. Indien een houder van een milieuparkeervergunning voor bedrijven een bedrijfsvergunning aanvraagt, geldt als ingangsdatum van de bedrijfsvergunning de datum van ontvangst van de eventuele eerste aanvraag voor een bedrijfsvergunning, dan wel milieuparkeervergunning voor bedrijven.

Rechtspraak bij dit artikel