Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk

Artikel 4

Vergunninggebieden en aantal vergunningen

Onderdeel van Parkeerverordening 2013

1.. Het college kan regels vaststellen aangaande: de indeling in vergunninggebieden en de grenzen daarvan; het vergunningenplafond per vergunninggebied, dan wel een bewonersvergunningenplafond en een bedrijvenvergunningenplafond per vergunninggebied; het milieuparkeervergunningenplafond per vergunninggebied; gedurende welke bloktijden er voor parkeren parkeerbelasting wordt geheven; het gebruik van het instrument van overloopgebieden, alsmede het aanwijzen van die gebieden; het maximum aantal te verlenen vergunningen op basis van artikel 9, tweede, derde en vijfde lid en artikel 10, tweede, vijfde, zesde, tiende en elfde lid. 2.. Het college, gehoord de stadsdelen, kan nadere regels stellen aangaande het belanghebbendenvergunningenplafond voor een kwaliteitstaxistandplaats. 3.. Bij het vaststellen van het vergunningenplafond, het bewonersvergunningenplafond, het bedrijvenvergunningenplafond en het milieuparkeervergunningenplafond en wordt rekening gehouden met minimaal 10% noodzakelijke leegstand overdag per vergunninggebied. 4.. Het milieuparkeervergunningenplafond voor de vergunninggebieden binnen de ring A10, exclusief stadsdeel Noord, wordt vastgesteld als een percentage van het gecombineerde aantal te verlenen vergunningen binnen het vergunningenplafond en het milieuparkeervergunningenplafond per vergunninggebied.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel