**1..** Als een belanghebbende zich zeer ernstig misdraagt tegenover het college of zijn ambtenaren, onder omstandigheden die rechtstreeks verband houden met de uitvoering van de wet, zoals bedoeld in artikel 18, tweede lid van de wet, wordt onverminderd artikel 2, tweede lid, een maatregel opgelegd van minimaal 20 procent van de bijstandsnorm gedurende een maand. Naast het opleggen van een maatregel kan de betrokkene ook een verbod krijgen om in gebouwen van de gemeente te mogen komen.
**2..** Maakt de belanghebbende zich binnen twaalf maanden na een gedraging als bedoeld in het eerste lid opnieuw schuldig aan een dergelijke gedraging, dan wordt een maatregel opgelegd van ten minste 50 procent gedurende twee maanden.
**3..** Als de betrokkene zich binnen een periode van twaalf maanden na vaststelling van de vorige verwijtbare gedraging voor een derde of volgende keer schuldig maakt aan dezelfde verwijtbare gedraging, dan wordt de laatst opgelegde maatregel verdubbeld. Daarbij wordt in eerste instantie de hoogte van de maatregel verdubbeld. Is dit niet mogelijk, dan wordt de duur van de eerder opgelegde maatregel verdubbeld.
Hoofdstuk 3
Artikel 12
Zeer ernstige misdragingen
Onderdeel van Maatregelverordening Wet werk en bijstand 2013