Voor de uitkeringsgerechtigde die arbeid in deeltijd heeft of aanvaardt, waarmee een inkomen wordt verworven dat minder bedraagt dan de voor de uitkeringsgerechtigde van toepassing zijnde norm, vindt vrijlating van inkomsten uit arbeid plaats zoals bedoeld in artikel 31 tweede lid, onderdeel n van de wet, artikel 8, tweede lid IOAW en artikel 8, derde lid IOAZ.
Voor de uitkeringsgerechtigde alleenstaande ouder of alleenstaande ouder met een of meer meerderjarige kinderen, die arbeid in deeltijd heeft of aanvaardt, waarin een inkomen wordt verworven dat minder bedraagt dan de voor de uitkeringsgerechtigde van toepassing zijnde norm, vindt vrijlating van inkomsten uit arbeid plaats zoals bedoeld in artikel 31, tweede lid, onderdeel r van de wet, artikel 8, vijfde lid IOAW en artikel 8, negende lid IOAZ.
Hoofdstuk
Artikel 18
Inkomstenvrijlating
Onderdeel van Re-integratieverordening WWB en IOAW/IOAZ 2013