Naar hoofdinhoud
1.. De erfpachter moet gedogen, dat op, in, aan of boven de grond en de opstallen zoveel en zodanig palen, kabels, leidingen, draden en andere voorwerpen worden aangebracht, onderhouden en vervangen als nodig ten behoeve van de openbare voorzieningen. 2.. De Gemeente is terzake van dit gedogen niet tot enige vergoeding gehouden. 3.. De in lid 1 bedoelde gedoogplicht zal overgaan op degenen die het goed onder bijzondere titel zullen verkrijgen, terwijl tevens hieraan gebonden zijn degenen die van de rechthebbende een recht tot gebruik van het goed zullen verkrijgen.

Rechtspraak bij dit artikel