Bij het inventariseren van de eigen mogelijkheden van het huishouden
wordt geen onderscheid gemaakt op basis van sekse, religie, cultuur,
de wijze van inkomensverwerving of persoonlijke opvattingen over het
verrichten van huishoudelijke taken. Er is sprake van een pluriforme
samenleving waarin een ieder gelijke aanspraken op Wmo-zorg
maakt.
Deel › Hoofdstuk 4
Artikel 4.3
Culturele diversiteit
Onderdeel van Beleidsregels hulp bij het huishouden en gebruikelijke zorg behorende bij de Voorzieningenverordening WMO 2010