Naar hoofdinhoud

Artikel 1

Inkomstenvrijlating

Onderdeel van Beleidsregels Re-integratie Gemeente Meppel 2012

In artikel 31 lid 2 sub n staat beschreven dat niet tot de middelen van de belanghebbende worden gerekend inkomsten uit arbeid tot 25 procent van deze inkomsten, met een wettelijk vastgesteld maximum per maand, voor zover hij algemene bijstand ontvangt, waarbij voor een persoon jonger dan 65 jaar geldt dat die inkomsten gedurende ten hoogste zes aaneengesloten maanden niet tot de middelen worden gerekend en dit naar het oordeel van het college moet bijdragen aan zijn arbeidsinschakeling Lid 1. Inkomstenvrijlating bij inkomsten uit arbeid lager dan de algemene bijstand. Van uitkeringsgerechtigden die naast hun bijstandsuitkering inkomsten uit arbeid hebben, wordt een deel van de inkomsten conform de wettelijke bepalingen en artikel 23 van de verordening vrijgelaten als aan de voorwaarden zoals vermeld in artikel 1.2. wordt voldaan. Lid 2. Voorwaarden inkomstenvrijlating a. de werkzaamheden die de uitkeringsgerechtigde verricht dragen bij tot arbeidsinschakeling; b. aanvang van de werkzaamheden heeft plaatsgevonden tijdens de uitkeringsperiode; Lid 3. Hoogte en uitbetaling van de inkomstenvrijlating De vrijlating is 25 procent van de netto inkomsten uit arbeid ( bruto bij Ioaw en Ioaz) en zijn wettelijk gemaximeerd. Uitbetaling vindt maandelijks plaats middels verrekening met de bijstandsuitkering.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel