Naar hoofdinhoud
1.. De eigen bijdrage of het eigen aandeel in de kosten mag nooit meer bedragen dan de kostprijs van de voorziening in natura, respectievelijk het bedrag van de PGB, het bedrag van de financiële vergoeding, het bedrag van de financiële tegemoetkoming en het huurbedrag die de gemeente voor de verstrekte voorziening betaalt. 2.. Er wordt geen eigen bijdrage of eigen aandeel in de kosten meer gevraagd als degene aan wie de voorziening is verstrekt is overleden; is verhuisd en daardoor geen gebruik meer kan maken van de verstrekte woonvoorziening; 3.. Een eigen bijdrage of eigen aandeel in de kosten van een voorziening wordt niet opgelegd als de voorziening bestaat uit een algemene voorziening (bijvoorbeeld een maaltijdvoorziening of scootermobielpool). 4.. Een eigen bijdrage of het eigen aandeel in de kosten wordt niet opgelegd als de verstrekte voorziening bestaat uit Deeltaxi (collectief vraagafhankelijk vervoer ) of een forfaitaire financiële tegemoetkoming. 5.. De eigen bijdrage of het eigen aandeel in de kosten wordt niet opgelegd, als de voorziening bestaat uit accessoires en aanpassingen van hulpmiddelen, die niet meteen bij de eerste verstrekking van het betreffende hulpmiddel zijn aangebracht tot een bedrag van € 1000,00 bruto consumentenprijs. 6.. De eigen bijdrage of het eigen aandeel in de kosten wordt niet opgelegd: voor reparatie-, onderhouds-, verzekerings- en keuringskosten die niet bij de eerste verstrekking in de kosten van de voorziening zijn inbegrepen; over de jaarlijkse prijsverhoging (indexering) van de huurprijs die de gemeente betaalt voor hulpmiddelen.

Rechtspraak bij dit artikel