Naar hoofdinhoud
Het collectief systeem van aanvullend al dan niet openbaar vervoer bestaat uit het zogenaamde deeltaxisysteem volgens de hierna volgende opzet: aan de aanvrager die in aanmerking komt voor het deeltaxisysteem wordt een deeltaxipas verstrekt op vertoon waarvan rechthebbende gebruik kan maken van de deeltaxi tegen betaling van de voor de betreffende rit benodigde strippen; voor de tarifering van het deeltaxisysteem wordt dezelfde zone-indeling en strippensysteem gehanteerd als bij het openbaar busvervoer; het vervoer wordt naar afstand onderscheiden in intern en extern vervoer. Als intern vervoer worden 5 openbare vervoerszones aangemerkt vanuit de eigen woning gerekend. Extern vervoer begint vanaf de 6e openbaar vervoerszone gerekend vanuit de eigen woning. Het extern vervoer wordt begrensd tot aan het collectief vervoersgebied van de 18 deelnemende gemeenten; voor elke rit binnen het interne vervoersgebied is een bijdrage gebaseerd op een basistarief van één strip van € 0,65 ( instapstrip ) vermeerderd met een strip van € 0,65 per zone. Het totaal verschuldigde bedrag dient per taxirit bij het instappen aan de chauffeur te worden betaald; een aanvrager kan zich door één begeleider laten vergezellen. Voor de begeleider is een basistarief verschuldigd van € 0,65 ( instaptarief ) vermeerderd met een strip van € 0,65 per zone binnen het interne vervoersgebied, tenzij de begeleiding naar het oordeel van het college medisch noodzakelijk is. In dat geval is het vervoer van de begeleider gratis; ingaande de 6e openbare vervoerszone is het vrije reizigerstarief verschuldigd voor alle reizigers; de aanvrager is een betaling verschuldigd voor het vervoer met de deeltaxi, waarbij het tarief gebaseerd is op het reizigerstarief van het openbaar vervoer; de betaling door de aanvrager wordt door de vervoerder in ontvangst genomen, in naam en voor rekening van de gemeente die het vervoer aanbiedt. vanaf 1 januari 2014 geldt jaarlijks een strippenbudget van maximaal 600 strippen, waarmee tegen het goedkope tarief als bedoeld onder d. kan worden gereisd. In uitzonderlijke gevallen kan het college besluiten dit strippenbudget te verhogen, afhankelijk van de beperkingen, de individuele vervoersbehoefte en de gemeentelijke compensatieplicht.

Rechtspraak bij dit artikel