In afwijking van artikel 3 bedraagt de toeaslag als bedoeld in artikel 25 eerste lid van de wet:

  • - Voor de alleenstaande en de alleenstaande ouder die hoofdbewoner is en in wiens woning één of meer kinderen van 18 jaar of ouder die zelf ook een WWB-uitkering ontvangen hun hoofdverblijf hebben 15% van de gehuwdennorm;
  • - voor de alleenstaande of alleenstaande ouder, die zijn hoofdverblijf heeft in de woning waarvan zijn ouder hoofdbewoner is 5% van de gehuwdennorm.