Het college kan, zolang de subsidie niet is vastgesteld, een beschikking tot subsidieverlening intrekken of ten nadele van de subsidieontvanger wijzigen indien :

  • - de activiteiten waarvoor subsidie is verleend niet of niet geheel hebben plaatsgevonden of zullen plaatsvinden;
  • - de subsidieontvanger niet heeft voldaan aan de aan de subsidie verbonden voorschriften;
  • - de subsidieontvanger onjuiste of onvolledige gegevens heeft verstrekt en de verstrekking van de juiste of de volledige gegevens tot een andere beschikking zou hebben geleid;
  • - de subsidieverlening anderszins onjuist was en de subsidieontvanger dit wist, of behoorde te weten;
  • - met toepassing van artikel 3 lid 5, een beroep wordt gedaan op het voorbehoud dat voldoende gelden ter beschikking worden gesteld.