De directeur DLG/BBL wordt mandaat en machtiging verleend om namens Gedeputeerde Staten beslissingen te nemen en stukken te ondertekenen betreffende nakoming van de verplichtingen als bedoeld in artikel 4, lid 1 van de Regeling inrichting landelijk gebied voor zover deze verplichtingen voortvloeien uit de Landinrichtingswet.
Artikel 6