De verlaging, bij gedragingen als bedoeld in artikel 6 wordt vastgesteld op:
vijf procent van de bijstandsnorm gedurende één maand bij gedragingen van de eerste categorie;
tien procent van de bijstandsnorm gedurende één maand bij gedragingen van de tweede categorie;
twintig procent van de bijstandsnorm gedurende één maand bij gedragingen van de derde categorie;
honderd procent van de bijstandsnorm gedurende één maand bij gedragingen van de vierde categorie.
Hoofdstuk 2
Artikel 7
Hoogte en duur van een verlaging
Onderdeel van Maatregelenverordening WWB, IOAW en IOAZ Kampen