Het is de rechthebbende op een vaartuig verboden daarmee te ankeren in een
rietkraag of op een afstand van minder dan 5 meter vanuit een rietkraag, in een
krachtens artikel 5:34 als zodanig aangewezen oever.
Onverminderd het bepaalde in het eerste lid is het de rechthebbende op een
vaartuig verboden daarmee te ankeren anders dan gedurende de tijd die
daadwerkelijk gebruikt wordt voor een permanent recreatief verblijf op of in de
omgeving van het vaartuig.
Het college kan van de verboden als gesteld in het eerste en tweede lid
ontheffing verlenen voor zover het betreft een krachtens artikel 5:34 aangewezen
water of oever.
Hoofdstuk 5 › Afdeling 6
Artikel 5:32
Ankeren
Onderdeel van Algemene plaatselijke verordening Opsterland 2013