**1..** Het is verboden zich met een schip in een oliehavengebied te bevinden, tenzij:
het tankschip van de havenwerken gebruik maakt, heeft gemaakt of zal maken om te lossen, te laden, ladingtanks schoon te maken of te bunkeren;
het een tankschip betreft dat dient te wachten;
het een roei- of motorboot betreft die niet door een benzinemotor wordt voortbewogen en die tot de uitrusting van een schip als bedoeld in onderdeel a of b behoort, en daarvan geen ander gebruik wordt gemaakt dan voor het vervoeren van opvarenden naar en van een schip;
de aanwezigheid van dat schip in de haven in verband met de aankomst, het verblijf of het vertrek van een schip als bedoeld in onderdeel a of b, uit een oogpunt van de uitoefening van het scheepvaartbedrijf noodzakelijk is;
het schip in dienst is van een publiekrechtelijk lichaam;
het schip zich rechtstreeks en zonder onderbreking begeeft naar of van havenwerken in een aangrenzend en buiten het oliehavengebied liggend gedeelte van de haven en uit de nabijheid blijft van in het oliehavengebied aanwezige schepen;
het een dienstverlenend schip betreft;
het een werkschip betreft waarvan de aanwezigheid in de haven noodzakelijk is in verband met onderhoudswerkzaamheden aan de haveninfrastructuur; of
het een schip betreft dat baggerwerkzaamheden uitvoert.
**2..** De in het eerste lid bedoelde uitzonderingen zijn niet van toepassing op een pleziervaartuig of een zeilvaartuig.
**3..** Het college kan van het in het eerste lid gestelde verbod ontheffing verlenen.
**4..** Van het binnenvaren van een oliehavengebied door een dienstverienend schip, werkschip of een schip dat baggerwerkzaamheden gaat uitvoeren, wordt aan de havenmeester een melding gedaan als bedoeld in artikel 11.6.
Paragraaf 2
Artikel 2.1
Toegelaten schepen in het oliehavengebied
Onderdeel van Havenreglement Noordzeekanaalgebied 2012