In afwijking van het bepaalde onder 3.2.11.2.1 en 3.2.11.2.2 kunnen
burgemeester en wethouders voorts vergunning als bedoeld in 3.2.11.2.1
verlenen aan een personen die een zelfstandige woning buiten hun schuld
hebben moeten verlaten en op zoek zijn naar een passende huurwoning,
waarbij de volgende voorwaarden gelden:
de vergunning geldt voor ten hoogste één jaar;
de betrokkene is ingezetene van de gemeente Bronckhorst, dan wel
de betrokkene wordt na het vinden van een passende huurwoning
ingezetene van de gemeente Bronckhorst;
de betrokkene moet als woningzoekende voor een woning binnen de
gemeentegrenzen ingeschreven staan bij een binnen het
grondgebied van de gemeente Bronckhorst werkzame
woningcorporatie of vergelijkbare instelling;
een woning is passend als betrokkene ingevolgde de door
corporatie of instelling gegeven criteria op grond van diens
persoonlijke situatie in aanmerking komt voor de woning;
gedurende de vergunningstermijn moet belanghebbende gemiddeld
één keer per maand inschrijven op een passende woning in de
gemeente Bronckhorst;
als belanghebbende aantoont dat er minder vaak dan één keer per
maand een passende woning wordt aangeboden geldt dat op de wel
aangeboden woningen móet worden gereageerd;
een voordracht voor een passende woning mag slechts één keer
worden geweigerd;
van een weigering doet belanghebbende met opgave van redenen
onverwijld schriftelijk melding bij de gemeente
Bronckhorst;
na afloop van de vergunningstermijn doet de belanghebbende via
de woningbouwcorporatie opgaaf van zijn inspanningen gedurende
de vergunningstermijn;
verlenging van de vergunning is slechts mogelijk als
belanghebbende aan alle voorgaande criteria heeft voldaan maar
na afloop van de vergunning nog geen passende woning heeft
gevonden;
als blijkt dat belanghebbende geen melding heeft gedaan van een
weigering komt deze niet in aanmerking voor verlenging;
het bewonen van het tijdelijke woonverblijf start eerst na
verkregen vergunning voor dat verblijf;
een belanghebbende die reeds zonder vooraf verleende vergunning
een niet voor bewoning bestemd gebouw bewoont en nadien om
vergunning verzoekt moet aantonen dat hij vanaf de datum van
bewoning reeds voldoet aan het voorgaande.
3. BELEIDSREGELS
Artikel Coulanceregeling
Artikel Coulanceregeling
Onderdeel van Beleidsregels artikel 2.12 Wet algemene bepalingen omgevingsrecht